1. De Boer - 1


    Datum: 14-4-2018, Categorieën: Homo, Auteur: Rob Van De Roy, Bron: Opwindend

    “Mijn innige deelneming” en ik schud de hand van een verre gebuur.“Mijn innige deelneming”, meerdere vrouwen met grijze haren begroeten mij, met hun hoofd naar beneden lopen ze mij voorbij. Wat verder zie ik mijn buurvrouw met haar man en kinderen aanschuiven in een rij van mensen uit de gemeente. De begroetingen volgen elkaar vlug op, “Mijn innige deelneming”, “Het beste”. Versuft staar ik voor mij uit en besef niet eens wie mij passeert. “Mijn oprechte spijt” hoor ik en schud alweer de hand van een gemeentebewoner.Het dorpje Eel is niet groot, een kerk aan een hoofdweg tussen de aan elkaar gebouwde huizen. Iedereen kent iedereen daar, maar ik woon in een zijstraat op het erf van mijn ouders en ben nooit actief geweest bij feesten in het dorp, waardoor deze mensen voor mij minder gekend zijn.Mijn directe buurvouw neemt me stevig vast, “Veel sterkte, Jan”, de begroeting is hartelijk. Ook haar man neemt mij stevig vast en zwaait zijn armen om me heen. “We spreken elkaar nog wel“ fluistert hij in mijn oor. Zijn warme omhelzing doet mij goed. “We zullen je vader ook missen, tot later nog eens, Jan” en ze verlaten de kerk met de twee kinderen aan hun hand.Een onbekende blonde jongeman die in de rij geduldig aanschuift, trekt mijn aandacht, waardoor ik geen oog meer heb voor alle andere mensen die me begroeten. Met zijn hoofd naar beneden komt hij steeds dichterbij. Dan kijkt hij weer op, met zijn gefronste wenkbrauwen en kijkt me verlegen aan. Door zijn opmerkelijke ...
    verschijning kom ik in een soort trance, waardoor het in mijn hoofd stil wordt en alle andere waarnemingen vertraagd binnenkomen.“Veel sterkte“ begroet hij me en neemt mijn hand stevig vast. Bij het buitengaan kijkt hij nog even achterom en lacht me toe. De verstomde geluiden worden geleidelijk weer hoorbaar “Sterkte” begroet een ander me en dat gaat zo nog een tijdje door, tot ik alleen met de priester aan het portaal van de kerk sta. Ook hij groet mij, geeft mij de hand en stapt naar binnen, blaast de kaarsen uit, neemt wat spullen van het altaar en stapt dan naar de kleedruimte.Het regent hard, de begrafenisondernemer begeleidt me met een paraplu naar de wagen en we rijden samen naar de begraafplaats, waar ik de urn met de as van mijn vader in de herdenkingsmuur bij mijn moeder plaats. De nis van de Columbarium wordt gesloten met een gedenkplaat waar de namen van mijn ouders op staan.Nadat ik alle steun heb gehad sta ik nu toch helemaal alleen. Ik ben enig kind en door het harde werk op de boerderij ben ik alle contact verloren met mijn neven en nichten. Ik open piepend de achterdeur om het huis binnen te stappen waar ik al heel mijn leven in woon. Ook al had mijn vader zijn leeftijd om te gaan en was mijn moeder al een tijdje geleden overleden, voelde ik me verweesd achtergelaten. Zij waren de enige mensen die er elke dag voor mij waren en ik ben nu zelf zo oud dat ik me niet meer aan een onbekende kan aanpassen.In afwachting van de begrafenis had ik alle spullen van mijn vader al ...
«1234»